Padel regels: complete uitleg van alle spelregels

De padel regels bepalen hoe het spel gespeeld wordt, en ze zijn eenvoudiger dan je misschien denkt. Padel wordt altijd gespeeld als dubbelspel (twee tegen twee) op een omsloten baan met glazen wanden en metalen hekken. De bal mag na de stuit van de wand terugspeelbaar zijn, en precies dát maakt padel uniek ten opzichte van tennis. In dit artikel lees je alle spelregels overzichtelijk uitgelegd.

De baan en de uitrusting

Een padelcourt is 10 meter breed en 20 meter lang, omgeven door wanden van glas en gaas. Op de baan liggen dezelfde lijnen als bij tennis: een servicevak, een middenlijn en de baseline. De netto hangt op 88 centimeter hoogte in het midden en loopt naar 92 centimeter aan de zijkanten.

De padelracket is korter dan een tennisracket, massief en heeft geen snaren maar een glad of ruw oppervlak met gaatjes. De bal lijkt op een tennisbal maar heeft iets minder druk. Beide spullen moeten voldoen aan de regels van de internationale padelorganisatie (World Padel).

Hoe werkt de service in padel?

Serveren in padel gaat anders dan in tennis. Je serveert altijd onderhands. Dat betekent: je laat de bal vallen, en je slaat hem op het moment dat hij ter hoogte van je heup of lager is. Je mag de bal ook zacht omhoogstuiteren en dan slaan, zolang de bal bij het slaan niet hoger is dan heupniveau.

Verder gelden deze regels bij de service:

  • Je serveert altijd diagonaal naar het servicevak van de tegenstander.
  • De bal moet na de stuit in het servicevak landen, zonder eerst de wand of het hek te raken.
  • Je hebt twee servebeurten, net als in tennis. Mis je allebei, dan verlies je het punt.
  • Je mag de service lijn (baseline) niet betreden tijdens het serveren. Je staat achter de lijn, tussen de middenlijn en de zijwand.
  • Een let (net geraakt maar de bal valt goed) levert een herkansing op.

Hoe speelt de bal in padel?

Hier zit het grote verschil met tennis. In padel mag de bal na de stuit van de vloer ook de achter- of zijwand raken, en dan nog steeds teruggespeeld worden. De bal mag echter maar één keer stuiteren op de vloer voordat je hem terugslaat. Stuitert hij twee keer op de vloer, verlies je het punt.

Raakt de bal jouw eigen wand voordat hij over het net gaat? Dan is het een fout en verlies je het punt. De bal mag over het net gaan en dan pas de wand raken aan de kant van de tegenstander, maar niet andersom.

Een punt verliezen gebeurt ook als:

  • De bal buiten de baan landt (via de opening in het hek) zonder dat de tegenstander hem geslagen heeft.
  • Je de bal twee keer slaat (dubbele tik).
  • Je of je racket het net aanraakt tijdens het spel.
  • Je de bal naar de tegenstander gooit in plaats van slaat.
  • De bal jouw lichaam of kleding raakt in plaats van je racket.

Punten, games en sets: de telling

De puntentelling in padel is identiek aan die van tennis: 15, 30, 40 en game. Bij 40-40 (deuce) moet een team twee punten achter elkaar scoren om de game te winnen. Een set gaat tot zes games, met een verschil van minstens twee. Bij 6-6 volgt een tiebreak tot 7 punten (met twee punten verschil). Een wedstrijd bestaat in de meeste gevallen uit twee of drie sets.

De opslag wisselt elke game van kant. De spelers aan de kant van de serveerder wisselen ook af: na elke gewonnen of verloren game serveert de andere speler van hetzelfde team. Zo serveert iedereen om de beurt.

Serveren en positie op de baan

Aan het begin van een game staat de server in het rechtergedeelte van de baan (vanuit het perspectief van de server). De eerste service gaat altijd naar het diagonale servicevak rechts van de tegenstander. Na elk punt wisselen de servers van vak: eerst vanuit rechts, dan vanuit links.

De returnende spelers mogen vrij staan waar ze willen, zolang ze de servicelijn niet oversteken voordat de bal geslagen is. Er zijn geen andere vaste posities verplicht tijdens het rallyspel zelf.

Wisselende kanten

Na elke oneven game (na game 1, 3, 5, enzovoort) wisselen beide teams van kant van de baan. Dat geldt ook bij een tiebreak: teams wisselen elke zes gespeelde punten. Dit is een officiële padel regel die zorgt voor een eerlijk spel, zodat factoren zoals wind of zon geen doorslaggevend voordeel geven.

Veelgestelde vragen over padel regels

Mag de bal via de wand van de tegenstander terugkomen naar jouw kant?
Ja, dit mag. Als de bal over het net gaat en aan de kant van de tegenstander de wand raakt, mag hij terug naar jouw kant gaan. Je mag hem dan alsnog terugslaan, zolang hij nog niet twee keer op de grond heeft gestuiterd.

Mag je door de opening in het hek lopen om de bal te slaan?
Ja, dat is toegestaan. Je mag de baan verlaten via de deuropening in het hek om een bal te spelen die buiten de baan is gegaan, zolang de bal nog niet twee keer heeft gestuiterd.

Wat is een “golden point”?
Bij 40-40 (deuce) mag er in sommige competities gekozen worden voor een golden point in plaats van een volledige deuce. Het receivende koppel mag dan kiezen vanuit welk vak (links of rechts) de serve komt. Wie dat punt wint, wint de game. Dit wordt afgesproken voor de wedstrijd begint.

Is er een fout als de bal het hek raakt bij de service?
Ja. Bij de service mag de bal na de stuit in het servicevak geen wand of hek raken. Raakt hij wel het hek of de glaswand, dan is de service ongeldig.

De spelregels van padel zijn snel te leren, maar de fijne kneepjes zoals het benutten van de wanden vergen wat oefening. Zodra je de basisregels kent, ga je merken dat juist die wanden padel zo tactisch en leuk maken om te spelen.